Vrouwelijk leiderschap

In mijn vorige blog ‘Meisjes met zelfvertrouwen’ schreef ik al dat er een vervolg zou komen. Want meisjes worden groot en groeien uit tot vrouwen. En ook voor vrouwen is er nog een hoop winst te behalen, ook als het gaat om vrouwen in topposities. Voor ik hierover uitweid, neem ik je eerst kort mee terug naar mijn vorige blog.

Want waar ging die vorige blog ook alweer over? De aanleiding van ‘Meisjes met zelfvertrouwen’ is het woord ‘bazig’. Meisjes die van nature een leidersrol innemen, krijgen het woord ‘bazig’ regelmatig te horen. Ik schreef hoe dit woord meisjes negatief beïnvloedt. Ook benoemde ik hoe meisjes en jongens van jongs af aan verschillend worden behandeld: meisjes krijgen minder spreektijd, worden vaker onderbroken en krijgen minder vaak de beurt als ze hun vinger opsteken. Hierdoor zien we in de bovenbouw dat meer jongens dan meisjes een leidersrol op zich nemen. En dat verschil zien we ook terug in het latere werkveld. De groei van het aantal vrouwen in een toppositie gaat tergend langzaam.

Ambities
In mijn vorige blog schreef ik dus vooral over meisjes op de basisschool. Laten we een stapje verder gaan en eens kijken naar een leeftijdscategorie daarboven. Plan International deed in 2019 onderzoek naar leiderschap onder jonge meisjes tussen de 15 en 24 jaar. De meerderheid van de meisjes wereldwijd (76 procent) geeft aan ambitie te hebben om leider te worden (op het werk of in de politiek). In Nederland is dat percentage 56 procent. Wel is het zo dat het percentage meisjes dat leider wil zijn, afneemt naarmate meisjes ouder worden. Helaas staat er geen verklaring bij, maar met de kennis uit mijn vorige blog zouden we die misschien zelf kunnen invullen.
Ook blijkt uit het onderzoek dat 60 procent van de jonge vrouwen wereldwijd en in Nederland denkt dat vrouwen in leiderschapsposities harder moeten werken dan mannen om hetzelfde respect te krijgen. Lees deze laatste zin nog eens en sta er even bij stil. Ik kom hier later op terug.

Stereotypes
Dat het voor vrouwen (nog) niet zo simpel en vanzelfsprekend is om een leiderschapspositie in te nemen, komt door stereotypes. Van jong tot oud krijgen meisjes, jongens, vrouwen en mannen ermee te maken. Hoewel jongens en mannen ook gebukt (kunnen) gaan onder deze stereotypes, lijkt het voor meisjes en vrouwen meer op een chronische ziekte.  
Vorig jaar waren politicoloog Julia Wouters, van de In Touch Female Leadership Academy, en Janka Stoker, hoogleraar Leiderschap en Organisatieverandering aan de Rijksuniversiteit Groningen te gast bij De Nieuws BV op NPO Radio 1. Stoker noemt twee stereotype denkbeelden die een obstakel vormen voor vrouwen in de weg naar of tijdens hun leiderschapspositie: 

1. Als je aan mensen vraagt wat een goede leider is, dan denken we aan allerlei masculiene kenmerken. Iemand is daadkrachtig, neemt risico’s en is dominant. We denken daarbij eerder aan een man dan een vrouw.
2. We hebben het stereotype beeld in ons hoofd over wat een goede man en wat een goede vrouw is. Een goede vrouw is volgens dat beeld bescheiden, zorgzaam en treedt niet op de voorgrond. Dat zijn kenmerken die haaks staan op het beeld van een goede leider. 

Stoker legt uit dat er een conflict ontstaat tussen deze twee stereotypes op het moment dat een vrouw een leider wordt. Als ze het goed doet als leider, dan vindt men haar al gauw een manwijf. Ze zou niet zorgzaam en bescheiden genoeg zijn. Maar als ze zich volgens dit stereotype beeld zou gedragen, komt ze nooit op een leidinggevende positie. Vrouwen moeten dus, vanaf de basisschool, veel meer oordelen incasseren en barrières overwinnen dan mannen als het gaat om (het ontwikkelen van) leiderschap.

Uitdagingen
Als vrouwen eenmaal hun leidersrol bereiken, krijgen zij tijdens deze positie nog steeds te maken met uitdagingen. “Is ze wel sterk genoeg?” is een vraag die eerder over een vrouw wordt gesteld dan over een man. Ook worden vrouwelijke leiders negatiever beoordeeld dan mannelijke leiders die hetzelfde leiderschapsgedrag laten zien. 
Net als een jongen niet snel wordt weggezet als ‘bazig’, horen mannen zelden dat ze ‘een harde oom’ zijn. Over vrouwen wordt vaak gesproken als ‘een harde tante’. “Om te overleven op de leidinggevende posities moeten vrouwen het dus altijd extra goed doen,” zegt Stoker in Het Parool.
Columnist Arwa Mahdawi gebruikt in The Guardian andere woorden, maar heeft dezelfde boodschap: “Je moet dubbel zo goed zijn om half zo serieus genomen te worden. Als vrouw kom je er simpelweg niet mee weg om een middelmatige leider te zijn of te falen.”

Gender
Tijdens de coronapandemie ging er veel aandacht uit naar de COVID-strategie van wereldleiders. Uit onderzoek bleek dat landen met een vrouwelijke leider het beter doen (o.a. minder sterfgevallen) dan landen met een mannelijke leider. 
Het klopt dat de aanpak beter was van vrouwelijke leiders. Voordat ik uitleg waardoor dat komt, wil ik eerst benadrukken waardoor dit niet komt. Hun kwaliteit heeft niets te maken met hun gender of hun ‘vrouwelijke leiderschapsstijlen’. Er bestaan geen ‘vrouwelijke leiderschapsstijlen’ of ‘mannelijke leiderschapsstijlen’. Dit zijn tenslotte weer stereotype denkbeelden die we over de vrouw of de man hebben. Er bestaan wel stereotype vrouwelijke leiderschapsstijlen (ondersteunend en participatief) en stereotype mannelijke leiderschapsstijlen (directief en zakelijk belonen van gedrag). Overigens blijkt uit onderzoek dat vrouwelijke leiders beide (stereotype) stijlen hanteren en beiden hebben positieve uitkomsten, zoals arbeidstevredenheid en betrokkenheid. 

En dat is een mooi bruggetje naar de redenen waarom vrouwelijke leiders gemiddeld genomen wel betere leiders zijn op dit moment (dus ook tijdens de coronapandemie):
1. Vrouwen moeten zich echt bewijzen als leider. Alleen de echt goede vrouwelijke leiders, de talenten, ‘redden’ het tot in de top. Mannen daarentegen kunnen zelfs met middelmatige kwaliteiten, op basis van toegedicht leiderschapspotentieel, gemakkelijk omhoogklimmen. Hij is een man, dus hij zal wel een krachtige, goede leider zijn, is hierbij de gedachte. 
2. De keuze van hun leiderschapsstijl. Vrouwen kiezen eerder voor transformationeel leiderschapsstijl. Dit is een zeer effectieve stijl. Mannen kiezen vaker voor het passieve, laisser-faire leiderschap. Opvallend dat er met zo’n ineffectieve leiderschapsstijl toch meer mannen in de top zitten. 

Aan het begin haalde ik een onderzoek aan van Plan International. Zestig procent van de meisjes in Nederland en wereldwijd denkt dat vrouwen in leiderschapsposities harder moeten werken dan mannen om hetzelfde respect te krijgen. Met de kennis van nu is dat nog zacht uitgedrukt, vind je niet?

Wat staat ons te doen?
Hoewel het aantal vrouwen in topposities stijgt, gaat dit nog veel te langzaam. Er is dus nog een hoop te bereiken en daarvoor zijn wij allemaal aan zet. Hoe krijgen we meer vrouwen in topfuncties?

  • Wees je bewust van je stereotype gedachten en verwachtingen over hoe een vrouw (en meisje!) zich zou moeten gedragen. En laat die stereotypes beelden dan liefdevol los.
  • Stap af van ‘vrouwelijke leiderschapsstijlen’ en ‘mannelijke leiderschapsstijlen’. Of een leider nu een man of een vrouw is, ze hebben kwaliteiten en hanteren bepaalde leiderschapsstijlen. Dat kunnen we loskoppelen van hun gender. 
  • Stap af van het vergelijken van vrouwelijke en mannelijke leiders. Uit onderzoek blijkt dat er meer variatie is binnen een groep vrouwen en binnen een groep mannen, dan tussen mannen en vrouwen. De vraag of vrouwen tijdens de pandemie al dan niet beter presteren houdt onbedoeld het stereotype in stand. Mannelijke leiders worden namelijk ook niet beoordeeld op hun man-zijn.
  • Bedrijven zouden mannen op dezelfde manier moeten beoordelen als vrouwen. Pas wanneer een man zichzelf heeft bewezen, talent heeft voor leiderschap, dient een man te worden aangenomen. Het mes snijdt aan twee kanten: je houdt de kwaliteit hoog en er blijft meer ruimte over om talentvolle vrouwen aan te nemen voor topposities. 
  • Strengere wetgeving zodat meer vrouwen in topposities komen en om de genderbias tegen te gaan.
  • Een langer vaderschapsverlof helpt voor een eerlijkere verdeling van de zorgtaken. De werkgever zou de man ook moeten motiveren om het gehele verlof op te nemen.
  • Zorg voor vrouwelijke leiders binnen het bedrijf. Uit onderzoek blijkt dat vrouwen eerder naar hogere functies solliciteren als het bedrijf een vrouwelijke leider kent. 

Zij heeft (ook) een keuze

Op een zonnige Tweede Pinksterdag nam ik me voor om mijn benen te ontharen. De dag kabbelde voort, zoals dat vaak gaat op vrije dagen. Om tien uur ’s avonds protesteerde mijn verstand dat ik de afspraak nog niet was nagekomen. Met een zucht klapte ik mijn leesboek dicht en staarde ik enige tijd naar m’n benen. Waarom moet ik eigenlijk mijn benen ontharen? Op dat moment ontstond er een kostbaar moment van bewustzijn: ik heb een keuze.

“Rosan, je hebt zulke lichte haren, jij hoeft echt je benen niet te ontharen”, probeerde mijn moeder nog. Ik zat al even in de puberteit toen ik voor het eerst een harsstrip over mijn benen trok. Hoe oud zou ik zijn geweest, een jaar of vijftien?

Mijn vriendinnen schoren al langere tijd hun benen. Als we erover spraken, zeiden ze spijt te hebben er ooit aan begonnen te zijn. Het scheermes zorgde ervoor dat hun lichte, dunne beenharen plaats maakten voor hardere en veel donkerder van kleur. Om die reden schoof ik het een langere tijd voor me uit. Een vriendin adviseerde om mijn beenhaar te harsen, dan zouden mijn blonde haren blond blijven. Ook daarvoor voelde ik geen intrinsieke motivatie. Harsen is niet de meest pijnloze behandeling. Waarom zou ik vrijwillig die pijn ondergaan?

In de tussentijd merkte ik dat ik me oncomfortabel begon te voelen met mijn beenhaar. Ik deed fanatiek aan waterpolo en lag destijds vijf dagen in de week in het zwembad. Ik voelde de blikken van teamgenoten. Dezelfde blikken voelde ik van (on)bekenden op de tribune, als ik ze daar opzocht voor een wedstrijd of training. Na het zwemmen zaten de haartjes tegen mijn huid aangeplakt, dan viel het in ieder geval minder op. Ik merkte dat ik me daardoor vrijer kon bewegen en eerder op mensen afstapte.
Het gevoel dat deze blikken bij mij teweegbrachten, was schaamte en het idee van ‘afwijkend zijn’. Dat wil niemand, zeker niet midden in de puberteit. Vanaf dat moment deed ik wat ‘de maatschappij’ blijkbaar van een vrouw verwacht: ik onthaarde mijn benen. Vanuit een extrinsieke motivatie.

Inmiddels ben ik een paar jaar ouder (28) en ligt het ongemak van de puberteit al even achter me. Het besef dat ik wel een keuze heb en me dat toen niet realiseerde, intrigeert me. Zien andere vrouwen ook dat ze een keuze hebben? Hoe gaan zij hiermee om? En, waarom de onderbenen en niet bijvoorbeeld de onderarmen? Waarom is het voor vrouwen ‘de heersende norm’ en geldt deze niet voor mannen?

Voorlopers
Ik ontdekte dat steeds meer vrouwen ervoor kiezen om hun beenhaar te laten staan. Dichtbij zie ik dat bij mijn schoonzus (34). Afhankelijk van of ze er zin in heeft, scheert ze haar benen. Zeker, ook in de zomer ontbreekt bij haar ‘de zin’ soms. Helaas is deze keuze niet helemaal zonder gevolgen. Toen ze in een korte broek op haar werk verscheen, vertelden haar collega’s dat ze haar beenhaar vies vonden. Vies.

Ook presentatrice Carolien Borgers (36) besloot in 2018 haar beenhaar te laten staan. Ze vertelt dat de eerste acht maanden haar zwaar vielen en dat ze zich erg geschaamd en bekeken voelde. Toen ze in een kroeg zat met een rok aan, zeiden twee vrouwen tegen haar: “Jeetje, solliciteer jij voor chimpansee?”. Haar eigen keuze was de aanleiding voor de podcast Over Haar. In zes afleveringen probeert Carolien erachter te komen waarom vrouwen zoveel moeite doen om van hun lichaamshaar af te komen.
En herinner je nog de campagne van Adidas in de nazomer van 2017? Fotograaf en model Arvida Byström (28) poseerde op foto’s met haar benen in hun natuurlijke staat. Ze ontving veel scheldwoorden en zelfs dreigementen van verkrachtingen.

Voorlopers zijn hun tijd ver vooruit, worden vaak gezien als radicaal en zorgen voor veel weerstand. Ik zie deze vrouwen als een bron van inspiratie, reflectie en keuzevrijheid van de mens.

Heersende normen
Een korte duik in de geschiedenis. In 1915 werd het eerste scheermes speciaal voor vrouwen op de markt gebracht. Met de slogan The underarm must be as smooth as the face, werden vrouwen aangespoord om hun okselhaar te scheren. De aandacht voor de onderbenen volgde daarna al snel. In de Verenigde Staten was het in de jaren twintig een trend om korte rokken te dragen. Commerciële bedrijven van scheermessen speelden in op de schaamte bij vrouwen over hun blote benen met de slogan: Let’s look at your legs – Everyone else does. Zo kregen ze het voor elkaar dat vrouwen ook hun beenhaar schoren. Bedrijven boekten hierdoor enorme winsten, hun enige belang.

Zoals veel trends waaide ook deze (helaas) over naar Europa. Oksel- en beenharen moesten vrouwen wegscheren. Waarom? Het zou onhygiënisch zijn, sociaal problematisch en iets waarvoor je je moet schamen. Voor mannen gold dat niet.
Meisjes en vrouwen worden nog steeds belast met (het voldoen aan) heersende normen*. Het ontharen van de benen is daarvan één voorbeeld, anderen zijn het verwijderen van donkere haartjes boven de lip, oksel en bikinilijn en het epileren van de wenkbrauwen.
Vrouwen betalen ook letterlijk een hogere prijs voor scheermesjes. Door de zogenaamde sekse-belasting of pink tax zijn vrouwen per jaar voor dezelfde (verzorging)producten veel duurder uit dan mannen.

Dat de impact van commerciële bedrijven groot is, wisten we al. Dit voorbeeld laat eens te meer zien hoe sluw bedrijven kunnen inspelen op onzekerheden en welke gevolgen hun reclame heeft, in dit geval bij vrouwen. Verschillende publieke figuren laten al zien dat het geen verplichting is om toe te geven aan deze druk. Ook vrouwen hebben een keuze: een keuze om wel of niet hun benen te ontharen. Door dit besef kunnen vrouwen het tij keren. Voor henzelf, maar ook voor (klein)dochters, nichtjes en buurmeisjes.

#TimesUp
Hieronder vier redenen waarom vrouwenbenen er gewoon mogen zijn in hun natuurlijke staat. Daarbij wil ik de kanttekening plaatsen dat vrouwen in de eerste plaats helemaal geen reden hoeven te hebben om hun beenharen te laten staan.

1. Praktisch
Hoeveel tijd ben je gemiddeld kwijt aan één scheerbeurt of onthaarmoment? Hoeveel tijd is dat over een jaar? Welke (andere) nuttige dingen had je kunnen doen in plaats van het ontharen van je benen?

2. De natuur
Meisjes en jongens, vrouwen en mannen. Ze hebben nu eenmaal beenhaar. Het is de natuur. En die natuur gaf het niet zomaar. Haar dient ter bescherming van je huid, vaak tegen de kou. Doe je je huid nu niet meer kwaad dan goed door er iedere keer een scheermes langs te halen, soms tot bloedens aan toe? Hoeveel littekens tel jij?

3. Gelijkheid
Net als ieder ander mens mogen vrouwen eruit zien zoals ze eruit willen zien. Zij heeft ook een keuze en hoeft zich niet aan te passen aan de opgelegde normen. Geef deze boodschap mee aan (klein)dochters, nichtjes en buurmeisjes. Laat ze, net als jongens, tijd besteden aan sporten en leren. Hun uiterlijk doet er net zo min toe als die van jongens. Laat ze die vrijheid ervaren.

4. Duurzaamheid
Steeds meer vrouwen scheren zich niet omwille van het klimaat. Eerlijk is eerlijk, je bespaart veel plastic als je geen scheermesjes meer gebruikt. RTL Nieuws zocht uit dat een vrouw gemiddeld vijf tot zeven keer met een scheermesje doet. Hoeveel scheermesjes zijn dat voor jou op jaarbasis? Hoe groot is jouw plastic footprint?

Bovendien staan vrouwen net wat langer onder de douche voor een scheerbeurt.  Hoeveel water zou jij besparen op jaarbasis? Onder de streep kun je Moeder Aarde dus een handje helpen door je benen in hun natuurlijke staat wat meer te waarderen. Als dat in de zomer nog een te grote uitdaging is, help je haar ook al door in de wintermaanden je scheermes links te laten liggen. Of doe mee met Januhairy! Ga jij van duurzaam denken naar duurzaam doen?

Baas van eigen benen
Eerder in dit verhaal leerden we dat vrouwen begonnen met het scheren van hun benen door druk van commerciële bedrijven, zagen we in dat vrouwen een keuze hebben om hun beenharen te laten staan (en kiezen veel vrouwen hier ook voor) en lazen we een aantal redenen waarom je je benen in hun natuurlijke staat meer kunt waarderen en accepteren: tijdsinvestering, de natuur, gelijkheid en duurzaamheid (plastic en water).
Mocht je nu twijfelen of de uitdaging aan wil gaan om je benen in hun natuurlijke staat te laten zijn, dan volgen hieronder een aantal tips.

Tip 1
Uiterlijk is voor jezelf. Alleen jij bepaalt wat je mooi vindt. Bij elke verandering aan je uiterlijk is het raadzaam om je het volgende af te vragen: doe ik dit voor mijzelf of voor de ander (lees: vriend, vriendin, collega’s, de maatschappij, het hokje ‘vrouwelijk zijn’ of ‘mannelijk zijn’). Soms is het moeilijk om te achterhalen of je het voor jezelf doet of om te voldoen aan de verwachtingen van de heersende codes. Het kost tijd, neem de tijd.

Tip 2
Oordelen voor je keuzes ontvang je geheid. Non-verbaal en verbaal. Mijn advies is om vooraf te bedenken hoe je erop wil reageren. De verschillende opties:

  • Je reageert niet op non-verbale of verbale reacties. Voel je niet verplicht om je te verantwoorden. Het is jouw lichaam, jij doet ermee wat je wil. Net zoals mannen die ervoor kiezen om hun baard of snor te laten staan.
  • Je reageert op non-verbale reacties door het open te breken: “Hé, ik zie dat je naar mijn benen kijkt in hun natuurlijke staat.”
  • Je reageert op verbale reacties. Die reacties kunnen variëren en zijn afhankelijk van wie het zegt en op welke toon. Onthoud dit: jij hebt je keuze gemaakt voor jezelf, voel de enorme vrijheid die dit geeft!

Q: “Laat jij je beenharen staan?”
A: “Ja, die groeien vanzelf.” Of: “Ja, ik vind mijn benen in hun natuurlijke staat het mooist.” Of gebruik een van bovenstaande vier redenen, het argument van duurzaamheid doet het momenteel goed.

Je kan ook aangeven dat het laten staan van je beenhaar een experiment is om te kijken hoe je omgeving reageert en wat dat vervolgens met jouzelf doet. Hopelijk zorgt dat meteen voor een moment van reflectie bij de ontvanger.

Een veelgehoorde vervolgvraag is: “Vindt jouw vriend dat niet erg?”. Zangeres Adele ontving dezelfde vraag en antwoordde: “He has no choice. I’ll have no man telling me to shave my fuckin’ legs. Shave yours.”

Tip 3
In het boek Beauty Sick ziet Dr. Renee Engeln de verschillen in het bewustzijn van uiterlijk tussen jongens en meisjes. Ze beschrijft dat meisjes opgroeien met het idee dat ze een lichaam hebben om te laten zien en jongens een lichaam hebben om te gebruiken. Haar advies is dan ook: richt je aandacht op het gebruik ervan in plaats van de uiterlijke vertoning. Specifiek voor de benen van een vrouw betekent dit dus: zie je benen als een praktisch instrument om van A naar B te lopen. Je hiervan bewust zijn, kan al helpen om je comfortabeler te voelen met de keuzes die je maakt.

Welke keuze je ook maakt, zorg dat het er een is die je voor jezelf maakt. Zo blijf je trouw aan jezelf.  Aanvaard de keuzes die anderen maken, alles mag er zijn. Misschien heb je over een paar maanden of een jaar wel weer zin in om je benen te ontharen of je haren juist te laten staan. Voel de vrijheid om die keuze te maken.

En ik?
Het besef dat scheren een keuze is, voelt heel bevrijdend. Sinds een maand ben ik gestopt met het ontharen van mijn benen. De reden? Ik vind mijn benen in hun natuurlijke staat op dit moment het mooist. Net zoals ik alles aan mijn lichaam au naturel het mooist vind.
Andere redenen benoemde ik al hierboven. Ik vind het niet waard om mijn benen zoveel geweld aan te doen, ik besteed mijn tijd (en geld) liever aan andere bezigheden. En ook duurzaamheid speelt mee: ik bespaar veel plastic door geen harsstrips meer te gebruiken.

Sinds een jaar heb ik waterpolo ingeruild voor roeien. Het is eind juni en de zomer doet z’n intrede. Die korte broek trek ik zeker aan tijdens de training . Zou ik reacties krijgen? En zo ja, welke reacties?
De kans is groot dat ik me (nog) moet verantwoorden voor mijn benen in hun natuurlijke staat. Hoe ik reageer op verbale en non-verbale reacties weet ik nog niet en zal ook per moment en persoon verschillen. Wordt vervolgd.

*Ik gebruik hier bewust ‘heersende normen’ in plaats van ‘schoonheidsideaal’. Het woord schoonheidsideaal is misleidend en ik ben ervan overtuigd dat het gebruiken van dit woord de heersende gedragingen in stand houdt. Er is niet één ideaal; we zijn allemaal ideaal zoals we zijn.