De verwarde man op straat

Ik stap over de drempel en trek de voordeur achter me aan dicht. Ik zwaai vluchtig naar mijn moeder, die achter het raam staat om mij uit te zwaaien. Amper tien passen gezet, hoor ik geschreeuw. Het is een lage, harde stem met een dreigende klank. Ik sta stil en probeer me te oriënteren waar het geschreeuw vandaan komt. Ik kijk naar mijn moeder. In haar grote ogen schuilt een combinatie van angst en bezorgdheid. Ze wuift dat ik naar binnen moet komen. Ik zucht. Ik verlang naar een regenachtige avondwandeling.

“Ik hoorde geschreeuw”, zei ik. Ze staat inmiddels naast me. Kleine waterdruppels rusten op haar bruine haar. Ik kijk uit over de weg tot het nauwe licht van de hemel het toelaat en mijn zicht laat eindigen in een zwart onbestemd gat. Ze zei dat ze het ook had gehoord.
“Ik hoor niets meer, dus ik ga maar lopen.”
“Zou je dat wel doen? (Stilte). Goed dan, doe wel voorzichtig. Bel me als je thuis bent.”

Ik steek de staat over. Er loopt een man met drie kinderen achter me. Toch een veilig idee, bedenk ik me. Mijn gedachtegang wordt al snel onderbroken door een mannenstem.
“Sorry, mag ik je iets vragen? Ja, uhm, ik kwam net een verwarde man tegen…”
Ik sta stil, knikte en keek hem aan. Hij aarzelt.
“Ik weet niet, moet je ver?”
“Het is nog wel even wandelen. Want, je vertrouwt het niet?”
“Nou, er was net een man die schreeuwde. Hij liep op mij af en balde zijn vuisten. Ik ben toen wel omgelopen. Is er iemand die je thuis kan brengen?”
“In dat geval loop ik even terug naar mijn moeder. Ik vraag of ze me thuis kan brengen.”
“Ja, dat is misschien wel goed. Ja, voor hetzelfde geldt, is er niets aan de hand maar… Ik hoor hem wel vaker hier hoor. Maar nu in het donker, tja.”
“Ja, precies. Better safe, than sorry. Bedankt!”

Ik draai me om loop met ferme passen terug naar mijn ouderlijk huis. Enigszins geïrriteerd vertel ik mijn moeder over de man met de kinderen en vraag of ze mij naar huis kan brengen. Een wandeling minder dan gehoopt, zit ik veilig thuis op de bank en kruip ik achter mijn laptop.

Zo op het eerste gezicht lijkt het een onschuldig verhaal. En daar ligt juist het gevaar, dat we normaal gaan vinden wat eigenlijk niet normaal is. En dat wringt, want bovenstaande situatie is niet normaal. Het is een gevolg van een defect systeem. Een systeem dat politici creëren en voortzetten. Omdat de premier en z’n VVD-clan bezuinigd op de (geestelijke)gezondheidszorg totdat er niets meer van over is.

Een paar voorbeelden? Onverantwoorde zorgsituaties (te weinig zorgverleners voor te veel zorgvragers), opvangcentra die hun deuren moeten sluiten en een toename van verwarde mensen op straat. De meest kwetsbare personen zijn en worden nog steeds uitgesloten van deelname aan ‘ons’ systeem, ‘onze’ samenleving.

En dat is onrecht. Deze man heeft het recht op een opvangplek, verdient aandacht en (bemoei)zorg. Het is niet normaal dat hij deze niet krijgt, deze niet weet te vinden en/of dat hij er niet lang (genoeg) kan blijven door een beperkt budget, regels van bovenaf of (als gevolg daarvan) kromme protocollen.

Bovendien is het door die bezuinigingen onveilig op straat, voel ik me ik beperkt in mijn vrijheid en kan ik – en ik weet zeker dat ik niet alleen voor mijzelf spreek – om half tien ’s avonds niet eens naar mijn eigen huis wandelen, vijftien minuten verderop! Dat is niet normaal.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s